De woning van Jan Jaap? Het is haast onmogelijk om die, als bewoner van de wijk, níét te kennen. Het is ‘het huis met de ridder’ naast het tunneltje richting Presikhaaf, waar regelmatig de vlag hangt en zelfgemaakte kunstwerken tussen het groen staan. Wij van MOES kregen een gastvrij kijkje achter hek, in de woning die begin 2000 nog een onbewoonbare boerderij was.
Met Open Huis nemen we een kijkje achter de voordeur bij bewoners van de wijk Velperweg en omgeving! Ontdek verhalen van bewoners en laat je inspireren door hun dagelijks leven, favoriete plekken en wat wonen in deze groeiende wijk voor hen betekent. Zo leer je een kleurrijke mengelMOES aan buurtbewoners kennen.
Er was wat lef voor nodig om de woning te kopen, geeft Jan Jaap toe. Maar hij, zijn vrouw en zijn zwager waagden de sprong: ze kochten de bouwval, bestaande uit twee kleine kamertjes en verder voornamelijk koeien- en paardenstallen. Alles verbouwde hij zelf. “In het begin huurden we wel mensen in, maar ik merkte al snel dat dit veel geld kostte en zeker niet altijd goede kwaliteit opleverde. Daarom ben ik zelf gaan timmeren, loodgieterswerk gaan doen en de elektriciteit gaan aanleggen.”
Voordat Jan Jaap op deze plek neerstreek, woonde hij op verschillende plekken over de wereld. Van Zuid-Afrika en Frankrijk tot een stacaravan in Lathum; maar daar werd met 3 kinderen de ruimte te krap. Met zijn huidige woning is hij hartstikke blij. “Ik vind het fantastisch om hier te wonen. Wie heeft er nou zo’n plekje middenin de stad, met zoveel ruimte eromheen? Ik voel me hier zeker thuis.”
Oneindige to do list
Vanaf de stoep is van de grote tuin bij het huis niet zo veel te zien. De struiken en bedekte ramen geven niet veel prijs. Lachend zegt Jan Jaap: “Het liefst had ik ook nog een slotgracht om mijn huis, maar dat wil mijn vrouw niet hebben.” Is hij dan zo mensenschuw? Dat valt wel mee: “De meeste mensen die hier voorbij lopen ken ik wel. Ik maak hier en daar ook wel een praatje en noem iedereen buurman of buurvrouw. Lekker kletsen kan ik ook wel. Maar ik moet me er wel toe zetten.”
Daarbij heeft Jan Jaap simpelweg altijd wat te doen. “Ik werk me de pleuris hier, ben de hele dag druk. Maar dat vind ik heerlijk. In de ochtendzon drink ik mijn kopje koffie en bekijk ik wat er weer bij op mijn lijstje moet voor die dag. Ik heb hele lijsten, kan niet stilzitten.”
Zijn favoriete klus is het onderhouden van de tuin. “Als ik eenmaal begin dan vliegen de uren voorbij. Regen of kou maakt mij niet uit. Er komt wel eens een buurman voorbij die zegt: ben je nu weer bezig? Maar met alle fruitbomen, planten, bloemen en andere dingen die ik bedenk houdt het werk hier nooit op.”
En het vlaggen? Dat is Jan Jaaps manier om in te spelen op de actualiteit. “Ik vind het leuk om te doen, het is mijn manier van uiten. Laatst waren de Dolle mina’s weer in het nieuws, dan hang ik die vlag uit. Of toen Trump de verkiezingen won, heb ik alles halfstok gehangen.”
Kunstwerken maken van afvalmateriaal
Een andere grote hobby van Jan Jaap is recyclen. “Ik gooi niks weg, de helft van het huis komt van de straat. Van een oude tafel haal ik de planken af zodat ik daar weer iets mee kan. Vroeger ging ik zelfs met een aanhangwagentje door de buurt en keek ik in containers. Het is echt zonde wat mensen allemaal weggooien. Ik weet er altijd wel wat van te maken.”
Zichzelf een kunstenaar noemen gaat Jan Jaap te ver. “Nee, ik klooi lekker. Ze zeggen wel eens dat hier een kunstenaar woont, maar dat zie ik niet zo.” Toch heeft hij met zijn creaties wel eens een prijs gewonnen. “In de Eusebiuskerk was een tentoonstelling voor amateurkunstenaars. Ik nam mijn zelfgemaakte ridder mee en won de publieksprijs.” Dat deed hem toch goed: “Ik vind het leuk dat mensen denken: leuk gedaan, die pollepel of halve maan op z’n kop, of een oude bezem die erin is verwerkt. Iedereen herkende er wel iets in.”
De energietransitie
Met een huis als dat van Jan Jaap blijf je altijd bezig. De vraag van de vorige geïnterviewden Judith en Robby, sluit daar mooi op aan. Zij vroegen zich af: wat zou je willen veranderen aan je huis? “Energie is een zeer groot probleem hier. Ik zou mijn huis graag energiezuiniger willen maken, maar het is moeilijk op te lossen,” antwoordt Jan Jaap. “Qua isolatie probeer ik al 20 jaar van alles, maar het blijft een oude boerderij uit 1900. Daarbij ben ik heel zuinig met het aanzetten van de verwarming. Tegen mijn vrouw zeg ik dan ook vaak: trek maar even een extra trui aan.”
Zijn interesse in energiezuinigheid blijft niet beperkt binnen zijn eigen woning: Jan Jaap meldde zich aan bij een adviesraad vanuit de gemeente Arnhem om mee te denken over de energietransitie in de stad. Uit een paarduizend aanmeldingen werd hij gekozen, iets wat hij erg leuk vindt. “Op die manier hoop ik eraan bij te dragen dat het voor mensen in de stad makkelijker wordt om over te stappen op een alternatief voor gas.”
“Je komt in een prachtig stukje wijk”
Wil Jan Jaap als laatste nog iets kwijt aan nieuwkomers in de wijk? Zijn welkomstboodschap is duidelijk: “Je komt in een prachtig stukje wijk! Het is hier rustig, je zit net dicht genoeg bij de stad, je kan erheen lopen of fietsen. Alles is dichtbij: onder het tunneltje door kom je bij de fietsenmaker, kapper, friettent en supermarkt terecht. Ik zou zeggen: welkom!”
De vraag die Jan Jaap doorgeeft aan de volgende Open Huis-deelnemer is: “Wat mist er in jouw buurtje?”
Dit interview is geschreven door Eline Hoffman, tekstschrijver uit Arnhem. De portretten zijn gemaakt door fotograaf én Plattenburger Maarten Verbaarschot.

